Opec als recept voor wereldvrede – Zuinig omgaan met landbouwgrondstoffen zonder ruzie of destabilisatie – Foodlog

Hoogste tijd voor een interview met Wouter van der Weijden, milieubioloog en directeur van de stichting Centrum voor Landbouw en Milieu. Hij pleit al vele jaren voor strategische studies naar schaarse grondstoffen voor de productie van voedsel. Ik stel hem de vraag hoe de huidige politieke situatie gaat zorgen voor een verschuiving in geopolitieke verhoudingen, als we kijken naar de herkomst van de noodzakelijke nutriënten voor de landbouw.

Laat ik vooropstellen dat deze grondstoffen bij gebruik niet verdwijnen van de aardbol. Wel kunnen ze schaars worden, louter omdat ze verdund of vermengd raken. Om ze weer geconcentreerd en zuiver te maken heb je veel geld en energie nodig. Dat is dus wezenlijk anders bij olie en gas. Die gebruik je één keer en dan is het over

Wat zijn de meest basale en noodzakelijke grondstoffen, die we nodig hebben om landbouw te kunnen bedrijven, en waar komen die vandaan?
De grote drie zijn: stikstof, fosfaat en kalium. Die zijn voor de landbouw wat eiwitten, vetten en koolhydraten voor mensen zijn: de macronutriënten. Zonder is er geen leven, dus ook geen landbouw.
Laat ik vooropstellen dat deze grondstoffen bij gebruik niet verdwijnen van de aardbol. Wel kunnen ze schaars worden, louter omdat ze verdund of vermengd raken. Om ze weer geconcentreerd en zuiver te maken heb je veel geld en energie nodig. Dat is dus wezenlijk anders bij olie en gas. Die gebruik je één keer en dan is het over. Maar je kunt ze wel vervangen door zon, wind, en eventueel kernenergie. Dat kan met fosfaat en kalium niet.

Dus recycling is de uitdaging?
Precies, vooral voor Europa, want we hebben hier slechts enkele procenten van de mondiale reserves van fosfaat en kalium in de bodem. We moeten vol inzetten op recycling en daarbij samenwerken met andere landen. Vooral met landen die ook importafhankelijk zijn, zoals veel Afrikaanse landen, maar ook bijvoorbeeld India. Het leren recyclen van deze grondstoffen is belangrijk om drie redenen: 1) voor het milieu, 2) omdat ze ooit een keer schaars worden en 3) omdat je je geopolitiek minder kwetsbaar maakt.

Wat doen we daar nu al aan?
In Nederland winnen we al aardig wat fosfaat terug uit rioolwater, onder meer in Amsterdam en Amersfoort. Dat haalt zelden het nieuws, maar hierin is Nederland samen met Zweden een van de voorlopers. Met kalium uit het riool doen we nog vrijwel niks. Dat is ook moeilijker om te recyclen omdat het goed oplost in water. Ook stikstof kun je in principe terugwinnen uit rioolwater, met bacteriën.

Recycling is belangrijk om drie redenen: 1) voor het milieu, 2) omdat ze ooit een keer schaars worden en 3) omdat je je geopolitiek minder kwetsbaar maakt

Hoe definieer je ‘grondstof’?
Basisstoffen die aanwezig zijn in de aardkost of (stikstof) in de atmosfeer, op een niveau en in een concentratie die rendabel winbaar zijn. Dat laatste is belangrijk, want bijvoorbeeld de voorraad kalium die dieper in de aardkorst zit is gigantisch, maar hoe dieper je moet graven hoe hoger de financiële en energiekosten. Dan praat je dus niet over schaarste, maar over de financiële en energiekosten van kalium, om nog maar te zwijgen van de milieukosten.
Stikstof is vrijwel onbeperkt aanwezig in de atmosfeer. Maar die moet eerst worden gebonden om voor de plant bruikbaar te worden, hetzij synthetisch of biologisch. Beide processen kosten veel fossiele resp. biologische energie. Ook dat is dus een energieprobleem.

Hoe ligt dat geopolitiek?
Bij stikstof draait het om de vraag: waar zitten de energiereserves in de wereld?
De grootste reserves van olie liggen in Venezuela en Saoedi-Arabië, terwijl Saoedi-Arabië en Rusland momenteel de grootste exporteurs zijn. De Amerikaanse regering is momenteel in gesprek met president Maduro van Venezuela om sancties te verlichten zodat het land weer ruwe olie aan de VS kan leveren. De VS hebben die nodig omdat ze de olie-import uit Rusland hebben stilgelegd. En Maduro staat met de rug tegen de muur, want betalingen voor de olie zijn geblokkeerd.
Wat gas betreft is Rusland, met 24% van de reserves, nummer één van de wereld. De EU kan daar niet op korte termijn mee stoppen, maar wil wel zo snel mogelijk minderen, geholpen door extra leveringen uit de VS.

Wat kunnen Noorwegen en andere exporteurs bieden in vergelijking met Rusland?
Als gasproducent is Noorwegen best belangrijk, maar hun reserves zijn slechts 1% van de wereldvoorraad. Ook bij olie staat Noorwegen niet bij de eerste acht.
De nummers één, twee en drie qua gasreserves zijn Rusland, Iran en Qatar. Maar zolang de Amerikaanse sancties naar Iran aanhouden kunnen we geen gas en olie importeren uit Iran. En Qatar zegt voorlopig vast te zitten aan gascontracten met Aziatische landen. Veel speelruimte hebben we dus niet.

Dan naar kalium.
De top drie in kaliumreserves zijn: Canada met 30%, Belarus met 20% en Rusland met 16%. Je kunt je voorstellen dat Poetin Belarus niet laat ontsnappen, want stel dat Belarus een kartel zou vormen met Canada, dan zijn ze samen een zeer grote speler en heeft Rusland weinig invloed meer op de prijs en kan het kalium veel moeilijker als politiek drukmiddel gebruiken. Andere landen hebben veel minder kaliumreserves: China 9%, de VS 6% en Duitsland 4%. Even voor de duidelijkheid: de getallen die ik noem heb ik van de US Geological Survey. Ze kunnen veranderen als nieuwe winbare reserves worden gevonden. Voor de korte termijn moeten we kijken naar productie- en de exportcijfers, voor de lange termijn naar de reserves. Die zijn van veel groter geostrategisch belang.

En fosfaat?
Dat is extreem: het leeuwendeel van de wereldvoorraad ligt in één land: Marokko. Dat is 70%, althans als je de Westelijke Sahara meetelt, die in 1975 geannexeerd is. Dat is een ingebouwde conflictbron, want er is nog steeds Polisario, een onafhankelijkheidsbeweging die al 47 jaar strijdt voor onafhankelijkheid van de Westelijke (voorheen Spaanse) Sahara. Daar heeft Marokko een enorme zandwal dwars doorheen aangelegd. Daarachter mag Polisario z’n gang gaan. Het is een frozen conflict, net als in Europa Transnistrië, de Donbas, de Krim of Abchazië. Conflicten die, als het een grote speler uitkomt, zo weer kunnen worden aangewakkerd. Trump wilde vorig jaar Israël pleasen, dat wil zeggen, de evangelicals in zijn land. Hij erkende de annexatie door Marokko, op voorwaarde dat Marokko normale diplomatieke betrekkingen met Israël zou aangaan. En dat deden ze. Het zou me verbazen als de VS niet ook garanties hebben bedongen voor toegang tot het Marokkaanse fosfaat.

Wat betekent de grote hoeveelheid fosfaat in Marokko voor andere landen?
China kan met 5% van de mondiale reserves nog even vooruit, maar Rusland en de VS staan op afzienbare termijn net zo droog als India en de EU. Louise Fresco schreef ergens dat de groene revolutie in India voor een groot deel te danken is aan Marokkaans fosfaat. Daar heeft ze denk ik gelijk in.

Marokko wordt een gigamacht voor wat betreft fosfaat

De Indiase premier Modi is een supporter van Poetin.
Ja, maar dat was-ie ook van Trump. Hij blijft neutraal en speelt Rusland en de VS tegen elkaar uit, uit welbegrepen eigenbelang.

En Marokko?
Marokko wordt een gigamacht voor wat betreft fosfaat. Het aandeel van Marokko in de wereldwijde fosfaatreserves is zelfs aanmerkelijk groter dan het aandeel in de oliereserves van alle golfstaten plus Rusland. Bovendien zijn er voor olie alternatieven, voor fosfaat niet.

Zijn we ons niet bewust geweest van de macht die Marokko heeft, net als de macht die Rusland opbouwde?
Ik heb daar nog weinig van gezien, al speelt Marokko het spel hard. Een voorbeeld: vorig jaar was de leider van Polisario ziek en werd hij in Spanje behandeld. Wat deed Marokko? Het land zette het hek open en de migranten stroomden de Spaans enclave Ceuta binnen. De truc werkte snel: Spanje wil nu al de zeggenschap van Marokko over de Westelijke Sahara erkennen. Algerije, dat Polisario steunt, is woest en heeft zijn ambassadeur uit Marokko teruggeroepen. Ook andere buurlanden van de EU hebben met immigranten een troefkaart in handen als spanningen oplopen. Belarus probeerde het vorig jaar aan de Poolse grens en straks gaat Rusland het misschien ook doen.

Hoe zouden we daarmee om moeten gaan?
Marokko is een – weliswaar gebrekkige, maar toch – democratie. Die moeten we koesteren en te vriend houden, maar zo nodig ook bekritiseren. We moeten heel goed nadenken of we de annexatie willen erkennen, en zo ja, onder welke voorwaarden. Er zijn argumenten voor en tegen. De Verenigde Naties heeft de annexatie nog altijd niet erkend.
Er heeft zich al eerder een probleem voorgedaan met Nederland. Het viel misschien weinig mensen op. Het ging over bijstandsuitkeringen aan Marokkanen die terug waren verhuisd. Nederland maakte toen een onderscheid tussen Marokkanen die in Marokko wonen en Marokkanen die in de Westelijke Sahara wonen. Nou, dat schoot de koning van Marokko in het verkeerde keelgat. Hij dreigde met represailles. Nederland heeft toen burgemeester Aboutaleb op pad gestuurd, en die heeft het rechtgebreid. Je moet dus op je tellen passen met Marokko.
We weten ook: zelfs al blijven we vrienden met Marokko, straks liggen steeds meer landen, ook supermachten, aan het Marokkaanse infuus, of staan ze in de rij. Dan kan Marokko zo maar een brandhaard worden. Grote mogendheden zouden het fosfaat desnoods met geweld kunnen komen halen. De Chinese marine heeft al met de Russische vloot geoefend in de Baltische Zee en de Middellandse zee. Op een goede dag zouden ze hun marines ook kunnen inzetten om de aanvoer van fosfaat veilig te stellen.

Er is al rivaliteit om grondstoffen, en die gaat toenemen. Dat zou kunnen uitmonden in oorlogen, maar dat hoeft niet. Het kan ook uitdraaien op eerlijke concurrentie

Marokko moet niet te arrogant worden?
Inderdaad, maar ook niet te bescheiden. Ze moeten zich niet te makkelijk onder druk laten zetten om voorkeursbehandelingen of lagere prijzen te bieden.

Hoe zal de strijd om de grondstoffen zich ontwikkelen?
Er is al rivaliteit om grondstoffen, en die gaat toenemen. Dat zou kunnen uitmonden in oorlogen, maar dat hoeft niet. Het kan ook uitdraaien op eerlijke concurrentie. Maar als producenten elkaar de tent uit concurreren, dan krijg je een ratrace to the bottom en raken de reserves versneld op. Dan volgt een harde landing, waarna iedereen de klos is. Ik pleit sterk voor een zachte landing, waarbij je nu al anticipeert op de schaarste van de toekomst, want een transitie kost tijd. En dat vergt samenwerking, in ieder geval met die landen waar we afhankelijk van zijn, maar ook met landen die eenzelfde afhankelijkheid hebben als wij, zoals India en sub-Sahara landen. Ook zij hebben veel baat bij recycling.

Is rationeel nadenken over gezamenlijke belangen denkbaar? Deze tijd laat een heel andere dynamiek zien.
Ja, er is meer rivaliteit en verharding, maar ik zie ook meer consensus, met name over klimaatbeleid vanuit het idee: we hebben er allemaal belang bij dat het probleem wordt aangepakt. Zo kan hopelijk ook het besef indalen dat iedereen er belang bij heeft dat grondstoffen verstandiger worden gebruikt en zo lang mogelijk beschikbaar en betaalbaar blijven voor iedereen. Dus nu al oplossingen zoeken, waar recycling er een van is. Je moet kijken met welke landen de belangen parallel lopen en met welke ze tegenstrijdig zijn. Marokko heeft er op korte termijn geen belang bij dat we gaan recyclen, de meeste andere landen hebben dat wel.

China en Rusland hebben toegang tot grondstoffen en Rusland heeft ook veel energie. China kan energie, kunstmest en voedsel uit Rusland importeren. Ze hebben een wederzijds belang. India heeft dat allemaal niet. Hoe gaat India om met China, en met Rusland? En hoe gaat de rest van de wereld met India om?
India zal – denk ik – eerst zijn voedselzekerheid veilig willen stellen. Daarvoor moeten ze ook naar stikstof, kalium en fosfor kijken. Ze hebben weinig energie, dus stikstof kan gaan knellen. Qua fosfaat redden ze het al decennialang met Marokko, kalium blijven ze vermoedelijk uit Belarus en Rusland halen, want ook daar ligt een wederzijds belang.
Maar let wel: ook de rivalen China en India trekken soms samen op. Ze hebben bijvoorbeeld al eens een inkoopkartel gevormd om een lagere prijs voor kalium uit Belarus af te dwingen.

Arabische staten kopen met al hun oliegeld technologie in, om in de woestijn voedsel te kunnen maken. Hoe gaat dat zich ontwikkelen?
Dat levert mooie technologische hoogstandjes op, maar die zijn denk ik zo kapitaalintensief dat iedereen behalve zij zelf ervoor terug zou deinzen. Het lijkt me vanuit het oogpunt van duurzaamheid niet verdedigbaar. Vanuit hen bezien, uit geostrategisch oogpunt, snap ik het wel, want ze kunnen iets minder afhankelijk worden van voedselimporten en ze hopen de technologie te verkopen. Maar ze investeren niet voor niets in Afrikaanse landbouw.

Hoe opereren zij daar?
Met weinig scrupules. Kijk naar Soedan. Met steun van de Golfstaten is de volksopstand daar hardhandig neergeslagen.

Israël is zeer aanwezig in Afrika. Er is Israëlische high tech, deels gefinancierd met Chinees geld.
Israël zit bijna overal. Premier Bennet heeft al vroeg in de oorlog drie uur met Poetin gepraat. Ik denk dan: wat doet ie daar? Ze zijn heel strategisch bezig. Ze hebben goede relaties in Afrika en sinds kort ook met enkele Arabische landen. Wat ze te bieden hebben: ten eerste technologie van hoog niveau, onder meer voor landbouw in droge gebieden. Ten tweede: wapens en spionage-software.

Maar waarom die drie uur met Poetin?
Dat ging, vermoed ik, ook om het herstel van de kernwapendeal met Iran. Ze hebben er beide belang bij dat die voorlopig niet doorgaat. Israël wil Iran kort houden, en Poetin wil de olie- en gasprijzen hoog houden, want daar verdient hij sinds de oorlog dagelijks extra miljarden mee.

En Europa? We hebben weinig energie en geen kalium en fosfor. We moeten dus wel vriendjes zijn met anderen?
Wij moeten allereerst vriendjes blijven met Canada. Hopelijk kunnen we ooit weer vriendjes worden met Belarus en Rusland. Marokko is al geassocieerd met de EU. Dat is een wederzijds belang dat we moeten koesteren. Maar laten we niet naïef zijn: Marokko kan zijn vriendschappen verleggen naar partners die hen meer bieden.

En Zuid-Amerika?
Daar hebben ze grond genoeg, maar niet heel veel grondstoffen. Kalium kunnen ze nu moeilijk kopen in Belarus en Rusland zolang de VS betalingen blokkeert. Bolsonaro ziet daar trouwens een prachtige aanleiding in om verder de Amazone in te trekken, ook in gebieden van inheemse volkeren waar kalium in de grond zit. Voor fosfaat drijft Brazilië nu grotendeels op Marokko. En voor stikstof hebben ze drie grote fabrieken van Yara, maar niet veel energie: 1% van de mondiale oliereserves, en weinig gas.

Hoe gaat de wereld om met Zuid-Amerika en Afrika? Worden we vriendjes?
Dat hoop ik wel. Dat iedereen niet alleen naar z’n belang kijkt, maar naar gezamenlijke belangen, en vervolgens kijkt of je kunt samenwerken. En wie zijn dan de dwarsliggers? Kun je daarmee praten of kun je ermee een deal sluiten? Er is best een rationeel pad te schetsen. Alleen voor de landen die niks te bieden hebben ziet het er somber uit, maar dat was toch al zo. Hopelijk mogen zij rekenen op enige solidariteit.

De vraag is wel of we ons collectief dat soort vragen gaan stellen. We zien nu opeens in hoe verweven het web is geworden. Er hoeft maar iets te gebeuren, of het systeem loopt vast. Neem de zonnebloemolie. Overal ter wereld moeten recepturen worden aangepast, omdat de olie op is.
De schaarste van bakolie is een probleem voor bijvoorbeeld Turkije. Maar wij gaan echt niet dood als de koekjes iets duurder worden of wat minder goed smaken. Er zijn altijd domino- en waterbedeffecten. Die kun je voor een deel van tevoren uittekenen, maar er zitten ook altijd verrassingen bij. Toch stemt het klimaatpad van Parijs me wel enigszins hoopvol. Zo makkelijk was dat pad niet. Helaas hebben China en India in Glasgow nog altijd geen afscheid willen nemen van kolen, ook niet op termijn. Dat is dan kennelijk een lijn die we nog niet met z’n allen over kunnen steken. Maar op verschillende deelonderwerpen zijn coalitions of the willing gevormd. Langs die weg moeten we ook de toekomstige schaarste van grondstoffen aanpakken.

De grondstoffen voor windmolens, zonnepanelen en elektrische auto’s zijn schaars en niet allemaal recyclebaar. We zullen dus ook moeten consuminderen, in elk geval met energie-intensieve goederen en diensten

Hoor ik je nu zeggen dat juist doordat er kartels ontstaan, we de discussie goed kunnen voeren?
In zekere zin wel. Ik zei na de tweede oliecrisis al: Opec-achtige constructies zouden wel eens bij kunnen dragen aan duurzaamheid. Want wat straks schaars wordt, kan maar beter nu al duur worden. Dan kan iedereen eraan wennen, zullen energie en grondstoffen efficiënter gebruikt en zullen grondstoffen eerder worden gerecycled. Het belang voor de kartels zelf is dat ze door minder te produceren op korte termijn meer verdienen, en later langer door kunnen met hun grondstoffen. In de EU moeten we heffingen op de grondstoffen blijven leggen zodat ze hier extra duur worden, terwijl ze voor ontwikkelingslanden betaalbaar blijven. We kunnen die heffingen dan ook gebruiken om prijzen te stabiliseren.

Als we fossiele brandstoffen heel duur maken, worden ‘duurzame’ oplossingen sneller economisch interessant. Maar die duurzame oplossingen maken we toch met fossiele energie?
Helaas nog wel, maar dat moet je zien als investering in een lager energiegebruik, waarbij de energetische terugverdientijd hopelijk kort is. Er zijn wel grenzen, want straks raakt de Noordzee vol met windturbines, liggen op alle daken zonnepanelen en willen we niet nog meer zonneweiden. Bovendien worden de grondstoffen voor windmolens, zonnepanelen en elektrische auto’s ook schaars en zijn ze niet allemaal recyclebaar. We zullen dus ook moeten consuminderen, in elk geval met energie-intensieve goederen en diensten. Met minder vlees zijn we al begonnen. De wereld waarin alles hetzelfde blijft en we alles oneindig recyclen bestaat niet.
Technologie en agro-ecologie krijgen wel een boost en daarmee valt nog een wereld te winnen. Eerst met fosfaat, daarna met kalium en micronutriënten. Ook is er vast nog winst te boeken met stikstofbinding door vlinderbloemigen, al blijft het probleem dat we daar minder hoge opbrengsten mee halen en dus meer grond nodig hebben.

We wish to thank the writer of this article for this amazing web content

Opec als recept voor wereldvrede – Zuinig omgaan met landbouwgrondstoffen zonder ruzie of destabilisatie – Foodlog

Cool N Spicy